Digitaal tijdschrift  >  Zo zijn onze manieren

Zo zijn onze manieren

“Je kunt niet praten én breien tegelijk” luidt een gezegde. Maar ……… wat te zeggen van al degenen die wel tegelijkertijd kunnen praten én eten. “Niet praten met volle mond!”, schijnt als algemene norm te hebben afgedaan. “Volle mond” had de betekenis van je hoort niet te praten als je iets in de mond hebt. Afgezien van de waarde beleefdheid, is het van belang te beseffen, dat in de mond de spijsvertering begint. Het voedsel, zo hebben de meesten op school geleerd, wordt in de mond vermalen en vermengd met speeksel. Dat proces wordt natuurlijk veel moeilijker, zo niet onmogelijk, wanneer je op hetzelfde moment je mond gebruikt om te praten. Niet praten én breien, dan zeker niet praten én eten, wanneer je tenminste een gezonde spijsvertering en je gezondheid serieus neemt. Het zal duidelijk zijn, dat de dagelijkse beslommeringen bespreken tijdens de maaltijd, eveneens zijn nadelen heeft. Toch gebeurt dat heel veel. Extra nadelig is het wanneer dat gebeurt als men opgewonden is of in een ruzieachtige sfeer. Het stresshormoon adrenaline dat wordt aangemaakt leidt ons in een vicieuze cirkel van opwinding, adrenaline, opwinding enzovoort. Men komt als het ware in een spiraal van toenemende opgewondenheid. Dit gaat op dat moment ten koste van de spijsverteringsprocessen en op den duur tast het de gezondheid aan. Ook lunchbesprekingen en dergelijke passen in onze 24-uurs economie, maar niet in een gezond leefpatroon.
                                                                           
Een, lijkt wel toenemend verschijnsel, is het eten bij de televisie. Hoewel veel mensen zeggen, dat er niets of niet veel aan is, zullen de programma’s ons toch wel iets doen. In het andere geval zouden we niet kijken. Beelden, geschreven en gesproken teksten werken in eerste instantie altijd op onze emoties. Later komt het verstand eraan te pas. Eerst voelen we en daarna denken we. “Eerst even tot 10 tellen!”…….. wie kent die uitspraak niet. De emoties die via de zintuigen worden opgeroepen, worden in de hersenen doorgeschakeld naar het verstandelijke deel én delen die verantwoordelijk zijn voor functies als spijsvertering, hormoonsysteem enzovoort. Vóórdat wij het dus (verstandelijk) beseffen, ondergaat het spijsverteringsproces de emotionele, meestal negatieve invloed van wat er in dit geval op de televisie gebeurt. We kunnen dat niet meer keren! Eenzelfde betoog kan ik houden voor bijvoorbeeld het lezen van de krant tijdens het eten. We moeten ons daarbij bewust zijn, dat het nieuws dat ons gebracht wordt in de regel niet bepaald opbeurend is. “Goed nieuws, is geen nieuws”, horen wij vaak beweren.
 
Gelet op de functie van “vermalen en inspeekselen” van de spijsbrok in de mond, valt te begrijpen, dat ook te grote happen en het volproppen van de mond, een ernstige belemmering betekenen. Hetzelfde geldt uiteraard voor het gelijk doorslikken van de brokstukken, hetgeen ook heel vaak te doen gebruikelijk is. Eten moet geen laden zijn, maar als basisbehoefte van lichaam en geest worden gerespecteerd en genoten. Erger wordt het nog, wanneer de voedselbrokken worden weggespoeld met drinken. Behalve dat er van het kauwen niets terecht komt, worden de spijsverteringssappen in mond, maag en darmen verdund, waardoor ze niet meer ten volle werkzaam zijn. Dit gaat dus weer ten koste van de kwaliteit van de spijsvertering en het schaadt onze gezondheid in plaats van daartoe bij te dragen. Het gevoel van verzadigd zijn is het resultaat van een signaal naar en vanuit de hersenen. Het signaal van verzadiging naar de hersenen nu, is afhankelijk van het aantal kauwbewegingen van de mond en niet van de inhoud van de maag. De maag geeft alleen maar aan, dat deze overvol is en dat dit uit spieren bestaande orgaan, overmatig wordt opgerekt. Het punt van verzadiging is dan al lang overschreden. Iedereen kent wel het gevoel van overvol te zijn; iedereen eet wel eens teveel. Wie daar echter een gewoonte van maakt, wordt een “holle bolle Gijs!”.

Veel van wat tot nu toe gezegd is, zal bekend zijn. Dat is echter niet hetzelfde als dat men zich dat ook bewust is en dat men ernaar handelt. Zo drinken heel veel mensen sinaasappelsap of een andere vruchtendrank tijdens of ná het eten. In hotels tijdens het ontbijt, vindt men daarvan sprekende voorbeelden. De vruchtendrank is een soort van aperitief met als functie de eetlust te stimuleren en het spijsverteringsproces voor te bereiden. De maag stelt zich in op een duur van de vertering op basis van het moeilijkst verteerbare onderdeel van de maaltijd. Voor de vertering van eiwitten is de meeste tijd nodig; in het bijzonder geldt dat voor vlees. De vruchtendranken die veel sneller de maag kunnen passeren, moeten zich, wanneer deze tijdens of ná het eten worden genomen, in principe aanpassen aan de overige genuttigde producten. Dat betekent dat ze te lang in de maag verblijven en onder invloed van de daartoe gunstige temperatuur van het lichaam, gaan gisten. Dit heeft tot gevolg, dat er gassen worden gevormd en dat kan merkbaar worden door oprispingen, boeren en winden laten. Ook wanneer dat laatste niet het geval is, wil dat niet zeggen, dat er geen gisting plaatsvindt. Gisting levert voor het lichaam schadelijke stoffen op en is op den duur zodoende nadelig voor de gezondheid. Wat geldt voor vruchtendranken, geldt in dezelfde mate voor fruit en rauwkost. Deze moeten dus ook altijd voor de andere voedingsmiddelen worden gebruikt en het is nog het beste tussendoor een pauze in te lassen. Zelfs wanneer goed gekozen biologische producten worden gekocht, kan men door een verkeerde volgorde van eten, de gezondheid meer schade berokkenen dan goed doen. 

Het is belangrijk te beseffen, dat het hier gaat om een bewustwording van hoe om te gaan met dranken en voedingsmiddelen en vooral van hoe het lichaam er in de regel mee omgaat. Het kan namelijk zijn, dat vruchtendranken of rauwkost niet (goed) worden verdragen, dan is dat een signaal, dat men ze niet moet gebruiken. Het is dan het beste om een natuurgeneeskundig therapeut of arts te raadplegen. Het kan ook zijn, dat een behandelaar in bijzondere gevallen juist adviseert om vruchtendranken in combinatie met voedsel te gebruiken. Een deskundig advies dient uiteraard voorrang te krijgen en vervangt de hier beschreven algemene regels.
 
Als je bedenkt wat er allemaal bij komt kijken, dan zou de eetlust je bijna vergaan. Desondanks is het goed er weer eens over te schrijven, te lezen en te overdenken. Het eten moet lekker en plezierig zijn op het moment dat het gebeurt. Het moet een bijdrage zijn aan ons psychisch en lichamelijk welbevinden. Het is belangrijk, kinderen dat eveneens bij te brengen en wat hiervoor geschreven staat, geldt eveneens voor kinderen. Als ouders is het goed te beseffen, dat kinderen óók plezier moeten kunnen beleven aan het eten. Uiteraard moet de smaak zich nog ontwikkelen en meestal is het even “slikken” alvorens alle voedingsmiddelen door het kind worden gewaardeerd. Een kind, dat de smaak mag(!) leren ontwikkelen, zal daar later veel plezier van hebben en dankbaar voor zijn. Dit “mogen leren” is gekenmerkt door er in alle rust aan te mogen wennen. Het mag een vanzelfsprekend proces zijn zonder stress en dwang, laat staan dwangmaatregelen. “Je moet alles leren eten!”, “Je moet alles opeten!”, zijn veel gehoorde uitspraken die aan hun doel voorbijschieten. Bij “moeten” horen sancties en die bederven het plezier aan eten. Bovendien worden sancties vaak wel gebruikt als dreigement, maar daarna niet uitgevoerd. De ouder verliest daardoor geleidelijk het ouderlijk gezag en het kind kan niet kwalijk worden genomen, dat het de ouder op den duur niet meer serieus neemt. Geef in plaats daarvan het goede voorbeeld en eet zelf in alle rust, geniet ervan en probeer hetzelfde de kinderen bij te brengen. Het kind heeft recht op een goede toekomst, die zich als het ware als vanzelf moet ontvouwen. Dat veel snoepen, regelmatig fastfood en dergelijke hier niet thuishoren, is als vanzelfsprekend aangenomen.

Bert Kloosterman
www.gezondbeterworden.nl